Het Masereelfonds veroordeelt uitdrukkelijk de illegale militaire agressie van de Verenigde Staten tegen Venezuela. Ze vormt een ernstige inbreuk op het internationaal recht. 

De ontvoering van president Nicolás Maduro kan onmogelijk geloofwaardig worden voorgesteld als onderdeel van een strijd tegen drugshandel. Het past veeleer in een strategie die gericht is op het veiligstellen van economische en geopolitieke belangen. Venezuela beschikt over enorme natuurlijke rijkdommen – in het bijzonder olie – en precies die vormen een inzet van buitenlandse inmenging. De militaire agressie en de ontvoering van een staatshoofd wijzen niet op bezorgdheid om criminaliteit, maar op een poging tot politieke controle en om de toegang tot olie af te dwingen. Deze manier van optreden past bovendien in een bredere geschiedenis van neokoloniale praktijken, waarbij landen uit het globale zuiden worden onderworpen aan druk van westerse leiders om economische en geopolitieke belangen veilig te stellen.

Wie ook kritiek heeft op het beleid van Nicolás Maduro, moet erkennen dat hier een fundamentele grens is overschreden. Staten kunnen niet naar believen andere landen binnenvallen, leiders arresteren en kidnappen. Het gevaar zit niet alleen in wat er vandaag gebeurt, maar ook in wat hiermee wordt genormaliseerd. Wanneer een grootmacht zichzelf het recht toekent om zonder internationaal mandaat illegaal militair op te treden, wordt een gevaarlijk precedent geschapen. Dat vormt een concrete bedreiging voor wereldwijde vrede, geopolitieke stabiliteit en de bescherming van burgers in Venezuela en ver daarbuiten.

Het stilzwijgen van Europese regeringen is in deze context bijzonder problematisch. Wie nalaat zich duidelijk uit te spreken tegen zulke schendingen van het internationaal recht, draagt bij aan de verdere uitholling ervan en maakt zich medeplichtig aan de ondermijning van recht en soevereiniteit.  Van België en Europa verwacht men dat het kiest voor diplomatie, de-escalatie en vrede. Niet uit opportunisme, maar uit principe.